De Boet van Ruud

Parel in het Texels landschap

Support de Boet!
Hier komen Cultuur & Natuur samen

Kunst in een boet

ontdek ‘de Hoedster’ een monumentaal kunstwerk van schapenwol in de boet van Ruud te zien t/m 30 augustus 2020

De boet van Ruud Bakker is één van de mooist gelegen schapenboeten op het eiland Texel met een unieke inhoud: ‘de Hoedster’. T/m 30 augustus 2020 kunt u negen monumentale kunstwerken van schapenwol bezichtigen-ervaren, gemaakt door Ericka Voortman, met bijzondere muziek van Severin Candel.
Deze expositie is alle dagen open van zonsop- tot zonsondergang. Is het hek dicht, dan mag u daarover heen klimmen. De entree is gratis. De boet ligt aan het fietspad tussen de Mokweg en de Stolpweg in Den Hoorn. Zoek op googlemaps op ‘Boet van Ruud’. Meer informatie over de kunstwerken zelf vindt u op www.hendrikje.nu

Leuk detail: door het succes van ‘de Hoedster’ is er inmiddels een pannenkoek naar haar vernoemd in Restaurant ‘Klif23′!

Kunst in een boet? Dat begon zo:

In het voorjaar van 2013 stelde Ruud Bakker zijn schapenboet beschikbaar voor de kunstmanifestatie Klifhanger [kunst op lokatie]. Patrick Tanghe koos voor de buitenkant van zijn boet; als een echte Christo, verpakte hij de boet in rood. Ik koos voor de binnenkant. Het zou het begin van een serie wonderlijke installaties in de boet van Ruud.
Maar hier, op onderstaande foto , Ruud overtuigend van ‘al’ mijn plannen, wisten wij nog niet dat het zo’n vaart zou lopen. Hier denkt Ruud waarschijnlijk “wat een druk schepsel, ze gaat d’r gang maar” en ik denk “wow, wat een relaxte man, hij vindt alles goed?!”.

Ruud en Ericka in overleg

Dat relaxte heeft hij nog steeds. En ja, hij vindt eigenlijk alles ‘best’ wat ik doe of wil. En ja, ik ben nog steeds druk, maar inmiddels zijn we een bijzonder team geworden. Wie had dat ooit kunnen denken in dat voorjaar van 2013.

De boet in het voorjaar

De boet werd tijdens Klifhanger een ‘kapel van de schapen’

Het idee dat de boet in 2018 voor een nieuw te ‘bouwen’ installatie helemaal leeg mocht gaf mij vleugels. In augustus’17 begon ik met het spinnen en breien aan een concept dat speciaal voor de boet gemaakt werd! Omhels’ werd geboren: twee grote gebreide panelen vielen als een piëta samen. De expositie werd geopend op 2 juni 2018 en zou op drie weken na, een jaar lang geopend blijven voor bezoekers.

‘Omhels’ werd zo enthousiast ontvangen door de bezoekers dat we ‘Omhels’ keer op keer verlengde. Tot het “ongeloofwaardig werd dat er een einddatum op zat”, vond Ruud, “laten we maar zien hoe het loopt.”

foto: ‘Omhels’
En ook bij ‘de Hoedster‘, de vijfde installatie inmiddels in de boet van Ruud, begon ik voorzichtig, door te stellen dat de expositie open zou zijn van 2 juni t/m 6 oktober 2020. “Waarom heb je een einddatum op het affiche gezet”, vroeg Ruud, “we zien gewoon hoe het loopt.’

Want inmiddels is ook deze expo na zeven maanden nog steeds te bezichtigen. Wel met een einddatum in zicht, want 4 oktober staat de opening voor ‘Viswijven’ gepland. Een winterse expositie.

Verrassing!
Voor het maken van werk voor ‘de Hoedster’ vroeg ik Ruud of het mogelijk was dat ik wat meer stenen in de gangpaden zou mogen leggen. De vloer van de boet was voornamelijk gevuld met zand en de ‘kostuums’ die ik voor ogen had, zouden eigenlijk niet in het zand moeten liggen. Ruud had buiten de boet nog een verzameling stenen liggen, “Zou ik daarmee …?”
“Prima”, zei Ruud.

Tot mijn stomme verbazing was hij binnen de kortste keren begonnen met het leggen van een stenen paadje in de boet, “Want het moet natuurlijk wel knap he?”.

“En zullen we dan maar die vloer ook gelijk vastleggen”, opperde hij. Voor ‘Omhels’ had ik het vierkant op mijn manier voorzien van een houten vloer. Met het idee dat het allemaal weer uitgeruimd moest worden, en het publiek er niet op zou lopen, lagen deze planken los. En zo geschiedde het dat deze planken stevig werden vastgelegd in het voorjaar van 2018. Mijn Negen Schapenwollen Beelden konden aantreden.

“En vanaf nu komt er geen rotzooi meer in,” aldus sprak Ruud deze historische woorden. Zijn oude schapenboet is in een paar jaar tijd een prachtig museale ruimte geworden. En wacht om gevuld te worden met mooie [jaarlijkse] installaties die de argeloze voorbijganger even doet stil staan in de hectiek van de dag.

Toen ik mijn idee voor 2020 opperde en of mijn werk dan weer in zijn boet kon, was zijn nuchtere reactie “Dat is je geraje.”

Ruud en ik, we hebben geen vastomlijnde plannen, maar het is alsof we elkaar iedere keer weer tegenkomen op het juiste moment, we zeggen wat, we denken wat en dan vallen de kwartjes als vanzelf. Met dat citaat van Chaim Potok altijd in mijn achterhoofd: het lijkt een uitgestippelde route, maar de transformatie van schapenschuur vol ‘ouwe troep’ naar ‘een museale ruimte’ is als ‘vanzelf’ voortgerold uit onze ontmoetingen.

reacties uit het gastenboek van ‘de Hoedster’

affiche de hoedster

“Is de manier waarop we ons leven vormgeven van het begin af aan bepaald of zien we alleen maar achteraf een patroon in toevallige gebeurtenissen?”

uit: ‘het Kanaal’
van de schrijver Chaim Potok [1929-2002]

Achteraf gezien lijken de exposities in de boet van Ruud een logisch verhaal, maar dat was het niet. Na 2013 zijn er twee jaren voorbij gegaan dat we elkaar niet troffen. Ik stelde mijn werk op andere plekken tentoon: zo was de ‘Gebreide Kapel’ te zien in o.a. de tuin van Museum Kranenburgh [Bergen] en in het Glazen Paleis in Den Burg en ‘Groos’ in het schuurtje van de Drijverschool in Den Hoorn.


Gebreide Kapel’ in het Glazen Huis – Texel – 2016


Groos’ – ode aan de pioniers – 2015

Maar de gedachte aan de architectuur van zijn schapenboet en de fraaie ligging in het landschap bleef in mijn hoofd rondzingen. Mijn liefde voor het maken van kunst op lokatie én in de natuur viel hier zo op zijn plek.

In het voorjaar van 2016 stond ik weer voor zijn deur en vroeg Ruud of het weer mogelijk was om de ruimte van zijn boet te benutten. “Maar eh, Ruud, mag ik de boet deze keer wat meer uitruimen?” Zijn coulante antwoord: “Ja hoor.” Aldus schoven Severin en ik, de verzameling van zijn oude spullen naar één kant en zo ontstond ruimte voor een grote levensboom in het vierkant, waaraan diverse tassen hingen, gesponnen en gebreid van schapenwol. Met een geluidscollage van Severin Candel.

Een Yggdrasil dus in de boet van Ruud, getiteld [niet] Ver van de boom’. Het hooi moest wel blijven liggen dat jaar en zo kwam het dat mijn levensboom op rees vanuit het hooi. Al die structuren samen, belicht door het licht, vond ik prachtig.

Voormalig denker des Vaderlands, Marli Huijer en haar man Reinjan Mulder schreven in het gastenboek van ‘[niet] Ver van de boom’:

Bij het afbreken van ‘[niet] ver van de boom’, en opnieuw inruimen van de boet, verzuchtte Ruud, “Wat een rotzooi bewaard een mens toch” en dan lachten we en evenzo makkelijk schoven we ‘de troep’ weer keurig op zijn plek.

In dit voorjaar van 2017 deden Severin en ik dezelfde verplaatsingen, alleen werden alle curiositeiten dit keer juist in het vierkant geplaatst en afgetimmerd met Ruud’s grote verzameling hout. Zo ontstonden drie ‘klooster’gangen waarin ik de installatie ‘Wolboeken’ plaatste. In oude houten laatjes, bevestigd aan berkentakken lagen opengeklapte boeken van schapenwol. Mede door de geluidscollage van Severin kon je je in een oud klooster wanen.


Op verzoek van de bezoekers verlengden we de datum van de expositie ‘Wolboeken’. En wat ooit begon in 2013 als een ‘kapel van de schapen’, die ‘slechts’ een lang weekend open was voor publiek, groeide uit tot een expositie van een maand tijdens ‘[niet] Ver van de boom’. We kregen de smaak te pakken, Ruud en ik.

Tijdens het afbreken van de ‘Wolboeken’ zei Ruud, “Het toch wel eeuwig zonde zou zijn om de boet weer vol te stouwen met rotzooi.” En toen gebeurde het dat ik durfde te vragen of de boet dan voor de expo van het volgende jaar echt leeg mocht zijn. En dat vond ie goed. En zo geschiedde.

Over Ruud:

In 1982 kocht hij deze typische Texelse schapenboet. En wordt jaarlijks een beetje opgeknapt. De boet staat met de platte kant (en de toegangsdeur) naar het noordoosten, omdat de wind op Texel voornamelijk uit het zuidwesten waait. Op ‘sien Tessels’ uitgesproken klinkt het trouwens zo: skéépeboet.

De waterput naast de boet, is eigenhandig uitgegraven [1.70 cm diep] en tot op de dag van vandaag zit er water in de put, hoe droog de zomer soms ook kan zijn. De schapen in de wei om de boet heen zijn uiteraard Texelaars en de witte kippen zijn Leghorns, de bruine kippen hebben veel weg van de Barnevelders, maar zijn waarschijnlijk niet helemaal raszuiver, aldus Ruud. Als u geluk hebt, is er in de zomer een kip met ‘kukels’.

foto onder: De vlag van ‘de Hoedster’ arriveert tijdens de opening.

Dagkrant ‘de Hoedster’
Op de site van het werk van Ericka Voortman kun je [bijna] dagelijks een ‘verse’ dagkrant lezen over het reilen en zeilen van de expositie.